Nieuwe Microsoft-tool beheert Linux, Android en iOS

Windows, Linux of iOS, HyperV of vCenter, Android of iPhone, met System Center 2012 laat het zich allemaal vanaf één beeldscherm beheren.

System Center 2012 bestaat uit acht componenten waarvan twee nieuwe. Al bekend waren Operations Manager, Service Manager, Virtual Machine Manager, Data Protection Manager, Endpoint Protection en Configuration Manager, nieuw zijn App Controller en Orchestrator. Alle acht zijn flink onder handen genomen en voorzien in heel veel nieuwe functies. Zo patcht en update Configuration Manager niet alleen Windows clients en servers, maar ook Linux en Mac-computers, en smartphones en tablets met iOS en Android.

Meer mogelijkheden voor beheer
De mogelijkheid om deze systemen via policies te beheren en te beveiligen is uitgebreid, terwijl de beheerder binnen Operations Manager ook nog eens meer mogelijkheden heeft voor logging en monitoring van deze niet-Microsoft apparaten. Niet alles wat hiervoor nodig is komt overigens direct uit de Microsoft-fabriek. Voor het beheer van Linux en Mac-computers wordt de Configuration Manager Xtension-plugin van Quest Software gebruikt en voor de smartphones de Athena-plugin van Odyssey Software.

Orchestrator en App Controller zijn nieuw in System Center. Orchestrator is de eerste Microsoft-versie van wat voorheen Opalis heette, een product dat enkele jaren geleden door Microsoft is overgenomen. Orchestrator levert runbook-functionaliteit door beheertaken te automatiseren en conform best practices uit te voeren. De belangrijkste vernieuwing in Opalis is de integratie met de overige producten, waardoor honderden nieuwe functies binnen Opalis kunnen worden gebruikt om nog meer en beter te scripten.

Ook AppController richt zich op automatisering van taken maar dan door de eindgebruiker. AppController brengt mogelijkheden die eerder verspreid zaten in de verschillende onderdelen van System Center nu samen in één self-service portal voor eindgebruikers en beheerders om taken te starten en daarna geautomatiseerd uit te voeren, zoals het configureren, uitrollen en daarna beheren van een applicatie in een private of Azure-cloud.

System Center 2012 biedt één installatiemodule voor alle onderdelen. Het is niet noodzakelijk om alle onderdelen ook daadwerkelijk te installeren. Het is bijvoorbeeld ook mogelijk om alleen SCCM of SCOM te installeren.

Virtual Machine Manager met Server App-V
Cloud is toch een sleutelwoord voor System Center 2012. System Center ondersteunt zowel het beheer van een private cloud van eigen systemen, ongeacht of die op de eigen locatie staan of bij een hostingpartij, alsook de public cloud. Met dat laatste bedoelen we dan Microsoft Azure. Virtual Machine Manager ondersteunt zowel Microsoft's eigen Hyper-V en Citrix XenServer, maar ook VMware ESX en vCenter. Bovendien omvat het Server App-V, waarmee oudere serverapplicaties vergelijkbaar met App-V applicaties op een thin-client omgeving, gepackaged en eenvoudig naar een cloud verplaatst kunnen worden. Dat kan een private cloud zijn maar opnieuw ook weer Microsoft Windows Azure.

Anders dan bij App-V voor de desktop voorziet Microsoft niet in een lijst met applicaties die zich op deze manier laten virtualiseren en opnemen in een cloud. Wel geeft Microsoft aan dat de eerste versie van Server App-V geoptimaliseerd is voor het virtualiseren van applicaties op basis van Windows-services, IIS applicaties, COM+/DCOM, tekstgebaseerde configuratiebestanden, SQL Reporting Services, Local users en groups, Java. In deze eerste versie worden core componenten van Windows zelf niet ondersteund, zoals IIS, DHCP, DNS, J2EE applicaties, SQL Server en Exchange Server.

Licentiemodel
Een verandering die voor afnemers heel belangrijk is, is de aanpassing die Microsoft doet in het licentiemodel. Om de integratie van de verschillende onderdelen te onderstrepen worden deze nu niet meer los verkocht of los in licentie genomen, maar alleen als complete bundel. Daarbij kent Microsoft voor System Center slechts twee modellen: Standard en Datacenter. In beide bundels zitten alle acht producten, het enige verschil is het aantal ondersteunde Operating System Environments (OSE). Elke fysieke of virtuele server telt als een OSE.

De Standard-licentie van System Center 2012 is bedoeld voor bedrijven die maar beperkt virtualisatie gebruiken. De licentie omvat 2 processors en 2 OSE's. Wie meer processor gebruikt of meer machines, kan extra Standard-licenties kopen. Als prijs heeft Microsoft $ 1323 genoemd.

De Datacenter-licentie kost $ 3615, waardoor het vanaf ongeveer vijf virtuele machines goedkoper is om niet langer Standard-licenties te stapelen, maar voor onbeperkt gebruik onder de Datacner-licentie te kiezen. Vooral grote bedrijven en cloud-providers kunnen met dit licentiemodel hun voordeel doen. Behalve de licentie voor System Center heeft ook elk endpoint een licentie nodig. Deze variëren in prijs van $22 tot $121 afhankelijk van het soort apparaat.

'Goedkoper dan VMware'
Volgens Microsoft pakt haar licentiemodel voor bedrijven fors goedkoper uit dan wanneer het voor eenzelfde IT-omgeving bij VMware licenties afneemt. Brad Anderson, vice-president van de Management & Secruity Division bij Microsoft spreekt van een 'VMware taks' als hij verwijst naar het [url/http://webwereld.nl/nieuws/107278/nieuwe-techniek--n-licentieregels-voor-vsphere-5-0.html]licentiemodel van VMware[/url] afgelopen voorjaar introduceerde voor vSphere 5.0. En hoewel dit model later onder druk van klanten is aangepast is het volgens Anderson nog steeds vele malen complexer én duurder dan wat Microsoft met System Center 2012 introduceert. Microsoft heeft apart een whitepaper uitgebracht waarin het de private cloud aanbieding van de twee bedrijven vergelijkt en voorrekent hoe bedrijven met System Center 2012 en Hyper-V minimaal 5 maal tot zelfs 16 maal goedkoper uit zijn voor dezelfde oplossing.

Overstappen naar System Center 2012 kan nu nog wel duur uitpakken voor bedrijven die slechts een of twee delen uit de suite gebruiken. Zij gaan immers betalen voor de hele suite, zelfs al gebruiken ze die niet. Microsoft heeft aangegeven dat ze bedrijven die nu slechts een of enkele onderdelen van System Center in licentie hebben, ruimhartig tegemoet zullen treden bij het opwaarderen van hun licentie. Volgens een licentie-deskundige van het Duitse Bechtle biedt Microsoft bijna altijd een 1 op 1 omruil aan van een oude licentie voor een nieuwe2012-licentie, een voor de meeste klanten volgens hem gunstige aanbieding.

Downloads
De Release Candidate van System Center 2012 is via Microsoft Technet te downloaden. Per onderdeel staan daar ook de systeemeisen vermeld. De download omvat de verschillende onderdelen van System Center en optioneel ook 180-dagen proefversie van Windows Server 2008 R2. De download van alleen Systemcenter is 6,5GB groot.

Tenzij de Release Candidate nog showstoppers oplevert, wil Microsoft de definitieve versie van System Center 2012 en alle onderdelen van de suite kort voor de zomer introduceren. De Europese Tech-Ed 2012 conferentie die dit voorjaar weer in Amsterdam wordt gehouden lijkt een mooi moment daarvoor.