Gestolen iPad gevonden, maar politie doet niets

Een gestolen iPad die door de rechtmatige eigenaar via een app is getraceerd, kan niet zomaar via huiszoeking door de politie worden teruggehaald. Het Openbaar Ministerie staat huiszoeking niet toe.

Een inwoner van Hengelo miste na een inbraak in zijn woning een iPad. Maar, zo bedacht hij zich, via een ge´nstalleerde app wist hij het apparaat via internet te lokaliseren. Het Openbaar Ministerie gaf de politie niettemin geen toestemming om de woning te doorzoeken waar de iPad zich zou bevinden.

Het Openbaar Ministerie in Zwolle geeft geen toestemming voor huiszoeking alleen op aangeven van een door burgers aangegeven mogelijke locatie van gestolen goed, zegt woordvoerder Mariska Cheret van het OM. Daarnaast was de aanwijzing van de bestolen man niet eenduidig, zegt zij. "De app heeft twee mogelijke adressen aangegeven waar het apparaat zou kunnen liggen. In een woning woont een ouder echtpaar. Zij zouden bijvoorbeeld de iPad kunnen hebben gekocht via Marktplaats. Daarnaast moet de politie afgaan op een door een burger uitgelezen gegevens. Moet je daarop varen?"

'Huiszoeking een zwaar middel'
Of er landelijke richtlijnen zijn in het omgaan van door burgers ge´nstalleerde apps die de positie doorgeven van gestolen elektronica, weet Cheret niet direct. Maar, zo zegt ze, voor het OM in Zwolle is meer nodig dan alleen die (mogelijke) plaatsbepaling. "Huiszoeking is een zwaar middel, dat de privacy van mensen aantast. Daar gaan we niet lichtvaardig mee om. Als de iPad nu in de vensterbank ligt, duidelijk herkenbaar en met bijvoorbeeld het roze hoesje erom heen dat eerder door de aangever al is aangegeven als kenmerk, dan zou een huiszoeking wellicht worden overwogen."

De diefstal van de iPad gebeurde vorige maand, zo meldt het lokale dagblad Tubantia. Via de app wist hij het apparaat binnen enkele uren te traceren. Maar, zo blijkt nu, gaf hij de politie twee adressen op. Een ervan was volgens de krant "een bekend adres" bij de politie. Maar die kreeg dus van het OM geen toestemming om huiszoeking te doen, mede doordat de plaatsbepaling door de gedupeerde burger "geen objectieve informatie" was.