De Nederlandse kabel blijft voorlopig een onneembare vesting voor bedrijven als KPN en Tele2. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) handhaaft het beleid van de toezichthouder OPTA hierover.

De OPTA vindt dat er voldoende concurrentie is op de Nederlandse tv-markt. Naast kabel kan de consument uit veel meer tv-aanbieders kiezen die diensten via glasvezel, DSL, satelliet en digitaal via de ether aanbieden. Het stelt dat hierdoor regulering op de kabelmarkt niet nodig is, ondanks dat de eigenaar van de kabelnetten in vrijwel alle gevallen de enige aanbieder hierop is. Bij het besluit van de OPTA speelt ook een rol dat er in Nederland geen kabelbedrijf is die landelijk dekkend kabelnetwerk heeft.
KPN, Tele2 en YouCa
Het CBb kon naar eigen zeggen geen uitspraak in het bezwaar dat KPN, Tele2 en YouCa tegen het besluit van de OPTA hadden ingesteld doen. Dit omdat de OPTA in feite in geen besluit had genomen. Hierbij lijkt men de zaak vooruit te willen schuiven. Tele2 internetsite Tweakers namelijk laten weten dat er nog een andere zaak bij het CBb loopt waarin de openstelling van de kabelmarkt wel inhoudelijk zal worden behandeld. Deze zaak wordt vermoedelijk in september door het CBb behandeld.

Los van politieke wens open kabel
De huidige rechtsgang staat los van de wens van politiek Den Haag om de Nederlandse kabel via wetgeving open te breken. De Eerste Kamer volgde een amendement van PVDA Tweede Kamerlid Martijn van Dam hieromtrent. De vraag is echter of de openstelling door de Europese juridische beugel kan omdat niet de wetgever maar de OPTA dit moet bepalen. En juist de OPTA heeft de afgelopen maanden diverse keren duidelijk gemaakt dat er voldoende regulering op de Nederlandse kabelmarkt is.