Microsoft gooit het licentiesysteem voor Windows Server om. De softwaregigant schrapt de uitgebreide licenties van Server 2008 R2 en laat bedrijven nu kiezen op basis van de virtualisatiebehoefte.

In het nieuwe licentiemodel van Microsoft voor Windows Server 2012 betalen bedrijven niet langer per virtuele machine. Voor fysieke machines betalen bedrijven nog wel steeds per verbonden computer. In het oude systeem was er keuze uit een heleboel verschillende varianten, maar vanaf Windows Server 2012 zijn het er nog maar vier.
Virtualisatieambities

Voor grote bedrijven komt Microsoft met twee varianten van de serversoftware: Windows Server 2012 Datacenter Edition en Standard Edition. Laatstgenoemde biedt twee vm's per cpu-socket. Een FAQ van Microsoft (pdf) legt uit dat je zo van tevoren weet dat je bij 8 vm's in de Standard Edition 4 licenties nodig hebt.

De Datacenter Edition heeft geen licentiebeperking in de hoeveelheid vm's die kunnen draaien op twee sockets. Deze versie is bedoeld voor bedrijven met cloud- en virtualisatieambities.

Op de website van Microsoft wordt het nieuwe model omschreven als simpel en efficiŽnt. Volgens de site biedt bijvoorbeeld de Datacenter Edition de voordelen van virtualisatie op cloudschaal met lagere kosten, die van tevoren zijn in te schatten.
Geen Small Business Server meer

De Small Business-versie verdwijnt en wordt vervangen door Essentials met een serverlicentie. De Active Directory is in dit pakket voorgeÔnstalleerd en geconfigureerd. Ook ondersteunt Essentials maximaal 25 clients.

Essentials is beperkt tot twee cpu-sockets. Microsoft denkt dat kleine bedrijven steeds meer cloudapplicaties en online diensten gebruiken en dat er daarom een minder sterke behoefte is aan een pakket als Small Business Server.