Een belangrijk prototype dat er onder andere voor zorgde dat onderzoeker Jack Kilby in 2000 de Nobelprijs ontving, kwam gisteren onder de hamer van veilinghuis Christie’s. De eerste computerchip werd echter niet geveild, omdat er te weinig op werd geboden.

Veiling van stukje computergeschiedenis mislukt


Niet dat er níet op het kleine, op een glasplaat geplakte chipje werd geboden: het hoogste bod was $850.000. Maar met geschatte waarden van tussen de $1 en $2 miljoen was dit niet genoeg om het vrij onooglijke kleinood van eigenaar te doen wisselen.

Geboortecertificaat

James Hyslop, wetenschap specialist bij Christie’s, beschreef de chip als ‘het geboortecertificaat van het moderne computertijdperk.’ De chip is het oudste werkende exemplaar van een geïntegreerde schakeling die in particuliere handen is. Er zijn nog twee oudere werkende prototypen die in het bezit zijn van het Museum of Science and Industry in Chicago en van het Smithsonian Instituut in Washington.

Vakantie

Toen Kilby de chip in 1958 maakte, waren al zijn andere werknemers met vakantie. Kilby kon zelf nog geen vrij nemen omdat hij net was begonnen bij Texas Instruments en nog geen vakantiedagen had opgebouwd. Hij ging in zijn eentje in het lab aan het werk en kwam na wat prutsen met de chip op de proppen. Na wat uitproberen bleek de chip te werken: nadat hij er stoom op had gezet, verscheen er op een aangesloten oscilloscoop een sinusvorm.

Rekenmachine

Kilby mocht toen zijn bazen terugkwamen van vakantie verder werken aan het project. Een jaar later werd patent aangevraagd en zorgde de chip ervoor dat productiekosten van elektronica met een factor miljoen daalden. De chip is niet het enige waar Kilby met succes aan werkte: de wetenschapper ontwikkelde ook de eerste rekenmachine en de eerste computer met een processor.