De Nederlandse staat gaat 33,5 miljoen euro schadevergoeding betalen aan Stichting Thuiskopie. Een dispuut over de hoogte van heffingen op beeld- en geluidsdragers is daarmee opgelost.

In 2012 was er onenigheid over de hoogte van de heffing vanaf dat moment. Dat was een eenmalige heffing van enkele eurocenten tot vijf euro, afhankelijk van het apparaat of de drager. Het nu bijgelegde geschil ging over de thuiskopieheffing die van 2007 tot 2012 niet op afspeelapparatuur zoals MP3- en DVD-spelers is geheven.

Heffing op afspeelapparatuur



De schadevergoeding van totaal 33,5 miljoen euro wordt verdeeld over de rechthebbenden. Dit zijn in dat geval alle partijen die over de betroffen periode aanspraak konden maken op de thuiskopievergoeding, waaronder fotografen, journalisten en regisseurs. In 2007 bevroor het toenmalige kabinet de thuiskopievergoeding en dat was volgens de stichting onregelmatig omdat er alleen over geluids- en beelddragers een heffing was en niet over allerlei afspeelapparatuur. Het nieuwe stelsel trad vorig jaar in werking en wordt volgend jaar aangepast.